18 karaat witgoud per gram
Bij 18 karaat is de materiaalwaarde hoog genoeg om echt mee te tellen, maar zelden hoog genoeg om de winkelprijs te verklaren. Deze pagina zet die twee bedragen naast elkaar: wat het goud waard is, en wat je daarnaast betaalt voor het werk dat erin zit.
750 staat voor 0,750 gram fijngoud per gram legering. Stel dat de koers € 105 per gram fijngoud is — puur als rekenvoorbeeld — dan komt 18 karaat witgoud uit op € 78,75 per gram. Dat is een kwart meer dan hetzelfde gewicht in 585. De actuele koers en de rekentool vind je op prijs per gram.
De som in één regel
Gewicht × 0,750 × prijs per gram fijngoud. Meer bewerkingen zijn er niet. Staat de notering per troy ounce, deel dan eerst door 31,1035 gram. Het legeringsdeel van 25 procent bestaat bij witgoud meestal uit palladium, zilver en koper, of uit nikkel in goedkoper werk; dat deel telt bij verkoop niet mee.
Materiaal tegenover arbeid
Hoe fijner het werk, hoe kleiner het aandeel van het goud in wat je betaalt. Onderstaande vergelijking gebruikt hetzelfde rekenvoorbeeld en toont per sieraadtype wat er bovenop de materiaalwaarde komt.
| Type | Gewicht 750 | Materiaalwaarde | Wat er nog bij komt |
|---|---|---|---|
| Gladde band, machinaal | 4 g | ± € 315 | Weinig: walsen, solderen, polijsten, rhodineren |
| Handgesmede band met gravure | 4 g | ± € 315 | Uren handwerk, vaak meer dan het materiaal |
| Ring met pavézetting | 3 g | ± € 236 | Stenen, zetwerk per steen, hogere uitval |
| Massieve schakelarmband | 25 g | ± € 1.969 | Relatief weinig; materiaal domineert |
De onderste rij laat zien waar 18 karaat het gunstigst uitpakt bij eventuele verkoop: hoe zwaarder en eenvoudiger het stuk, hoe dichter aanschafprijs en materiaalwaarde bij elkaar liggen. Bij fijn gezet werk gaat het grootste deel van je geld naar arbeid en stenen, en die komen bij inkoop niet terug. De volledige uitsplitsing staat bij prijsopbouw van een sieraad.
Zetwerk is geen verspild geld. Het bepaalt of stenen na tien jaar nog vastzitten en of de band niet scheurt bij vermaken. Het is alleen geen waarde die je bij een opkoper terugziet.
Waarom 750 niet automatisch de betere koop is
- Zachter materiaal. Meer goud betekent een lagere hardheid, dus eerder vervorming bij smalle banden. Zie 14 of 18 karaat.
- Warmere ondertoon. Onder de rhodiumlaag is 750 witgoud iets minder koel van kleur dan 585, wat opvalt zodra de laag slijt.
- Hogere materiaalwaarde per gram. Dat werkt in je voordeel bij verkoop, maar alleen naar rato van het gewicht.
- Beter bewerkbaar. Zetters werken graag met 750 bij fijne zettingen, omdat het materiaal meegeeft zonder te scheuren.
De eigenschappen per gehalte staan uitgebreider bij 18 karaat witgoud, en het overzicht van alle prijsonderwerpen bij prijs van witgoud.
Veelgestelde vragen
Levert 18 karaat bij verkoop 28 procent meer op dan 14 karaat?
Per gram wel, want 0,750 gedeeld door 0,585 is ongeveer 1,28. Bij een sieraad telt daarnaast het gewicht mee, en dat verschilt vaak sterker dan het gehalte.
Waarom kost een 18 karaats ring in de winkel veel meer dan het goud waard is?
Omdat materiaal in de meeste sieraden een minderheid van de kostprijs is. Ontwerp, zetwerk, afwerking, garantie en winkelmarge vormen de rest.
Bevat 18 karaat witgoud altijd palladium?
Nee. Er bestaan ook nikkelhoudende 750-legeringen. Palladiumlegeringen zijn witter van zichzelf en duurder in aanschaf.
Kan ik 18 karaat laten omsmelten tot een nieuw sieraad?
Dat kan, maar niet elk atelier doet het met eigen materiaal vanwege verontreiniging in de legering. Vaker wordt het oude goud verrekend en met nieuw materiaal gewerkt; zie oud goud inruilen.
Laatst gecontroleerd: