21 karaat witgoud (875)
In delen van het Midden-Oosten is 875 een gewoon gehalte, maar dan in geel. Als witgoud kom je het nauwelijks tegen, en daar is een harde materiaalkundige reden voor. Deze pagina rekent voor hoeveel legeringsruimte er per gehalte overblijft en wat je daarmee nog kunt.
875 betekent 87,5 procent goud, oftewel 21 karaat. Er blijft dan 12,5 procent over voor alle bijmetalen samen. Dat is te weinig om de gele kleur overtuigend te onderdrukken, ook met de sterkste ontkleurders. Wat als wit 875 wordt aangeboden, is doorgaans geel goud met een deklaag.
Hoeveel ruimte houd je over
| Gehalte | Niet-goud | Ruimte voor ontkleuren | Haalbare kleur zonder deklaag |
|---|---|---|---|
| 375 | 62,5 % | Zeer ruim | Koel wit tot roomwit, sterk receptuurafhankelijk |
| 585 | 41,5 % | Ruim | Lichtgrijs, overtuigend wit mogelijk |
| 750 | 25,0 % | Krap maar werkbaar | Grijswit met warme ondertoon |
| 875 | 12,5 % | Onvoldoende | Bleekgeel, hooguit lichtgrijs bij maximale dosering |
| 916 | 8,4 % | Vrijwel geen | Blijft duidelijk geel |
| 999 | 0,1 % | Geen | Diepgeel |
Ontkleuren is een kwestie van dosering. Zelfs de krachtigste bijmetalen hebben enkele procenten nodig om zichtbaar effect te sorteren, en die procenten moeten uit de 12,5 komen die bij 875 overblijft. Daarbij zijn er ook nog metalen nodig voor stevigheid en gietgedrag. De verdeling staat uitgewerkt bij de samenstelling van witgoud.
Waar 875 wel voor staat
In het Midden-Oosten en delen van Noord-Afrika is 21 karaat een gangbare handelskeuze voor geel goud: hoog genoeg om als waardeopslag te gelden, net bewerkbaar genoeg voor sieraden. Sieraden in dat gehalte zijn vaak zwaar en eenvoudig van constructie, precies omdat het materiaal zacht is. In Nederland hoort 875 niet bij de gebruikelijke gekeurde reeksen, dus je ziet de stempel hier alleen op meegebrachte of geïmporteerde stukken.
Een 875-sieraad met een witte glans is bijna altijd gerhodineerd geel goud. Dat is geen misleiding zolang het als 21 karaat wordt verkocht, maar het verklaart wel waarom de kleur binnen een jaar kan omslaan. Zie rhodineren.
Praktische gevolgen als je zo'n stuk hebt
- Zacht materiaal. Verwacht deuken en vervorming bij dagelijks dragen, zeker bij dunne banden.
- Hoge materiaalwaarde per gram. Bij inkoop levert dit gehalte per gram duidelijk meer op dan 585 of 750.
- Reparatie vraagt afstemming. Passend soldeer voor dit gehalte is geen voorraadartikel in elke Nederlandse werkplaats.
- Stempel controleren. Bij import zonder keurteken is meten de enige zekerheid; zie buitenlandse stempels.
Waar de praktische grens ligt
Voor witgoud houdt het bruikbare bereik op bij 750. Daarboven wint elke procent goud aan waarde wat hij aan kleur en stevigheid inlevert. Wil je zien waar dat kantelpunt precies zit, dan zet 18 tegenover 21 karaat de bewerkbaarheid naast elkaar. Eén stap hoger loopt het volledig vast; dat staat bij 916. Alle gehaltes met hun omrekening vind je bij gehalte omrekenen en op de hoofdpagina.
Veelgestelde vragen
Kan een edelsmid 875 witgoud maken op bestelling?
Een legering met die stempel maken kan, maar het resultaat is bleekgeel in plaats van wit. Zonder deklaag voldoet het niet aan wat kopers van witgoud verwachten.
Waarom is 21 karaat in sommige landen zo populair?
Omdat het sieraad daar ook als spaarvorm dient. Een hoog gehalte betekent dat het grootste deel van de aankoopprijs in materiaal zit en niet in bewerking.
Is 875 hetzelfde als sterlingzilver 925?
Nee. Beide getallen zijn duizendsten, maar ze slaan op verschillende metalen: 875 op goud, 925 op zilver. De stempel alleen zegt niet welk metaal het is.
Krijg ik voor 875 meer bij een opkoper dan voor 750?
Per gram wel, omdat er meer goud in zit. Wel wordt zo'n afwijkend gehalte apart gemeten voordat er een bod komt.
Laatst gecontroleerd: